Kikkers kussen

Code PSB003


KIKKERS KUSSEN werkt drie verschillende strategieën uit voor drie essentiële onderdelen van het watersysteem van de Nederlandse delta. Voor de hoger gelegen zandgronden , de grote rivieren en de droogmakerijen zijn dat respectievelijk vasthouden, geleiden en loslaten van water. In dit gedachtengoed zijn drie amfibische woonvormen uitgewerkt.

Bodemdaling, klimaatverandering en zeespiegelstijging noodzaken ons met onze woonvormen beter aan te laten sluiten bij de natuurlijke watersystemen. KIKKERS KUSSEN beschrijft hiertoe het watersysteem van de Nederlandse delta in drie onlosmakelijk verbonden onderdelen, die ieder hun specifieke randvoorwaarden stellen:

1. de hoger gelegen zandgronden
Het probleem is dat de haarvaten van ons watersysteem dusdanig (over)ontwikkeld zijn, dat de sponswerking van het systeem is verdwenen, waardoor tijdens hevige neerslag een overbelasting van grotere waterlopen optreedt. De oplossing moet bij de bron gezocht worden. Alleen zo wordt de rest van het delta-watersysteem structureel ontlast.

De strategie voor deze gebieden is: vasthouden. Het amfibisch wonen draagt hier op twee manieren aan bij:
1. herstel van de sponsfunctie van het landschap door de woningen in bedijkte infiltratiekamers te plaatsen;
2. verhoging van de weerstand in het afvoernetwerk van de waterlopen.

Het perspectief van deze gebieden is gelegen in het herstel van de oorspronkelijke beekdal- en coulissenlandschappen. Beekdalen waar de landschappelijke en natuurlijke kwaliteit gering is, kunnen dankzij de amfibische woonvormen een impuls krijgen tot het herstel van de oorspronkelijke kwaliteiten.

2. de grote rivieren
Het probleem is dat op een dusdanig grote stroomafvoer gerekend wordt dat grote delen van het rivierengebied slechts een minimale weerstand mogen hebben. Niet alle riviernatuur kan hierdoor volledig tot ontwikkeling komen: ooibos of ruigtestruweel remt het water teveel af. De onderlinge landschappelijke verschillen tussen de grote rivieren komen niet meer tot uiting.
De Rijn gaat steeds meer het karakter van een regenwaterrivier krijgen: naast wateroverschotten, zullen er periodiek ook watertekorten optreden, met grote consequenties voor de scheepvaart en de drinkwaterwinning.

De oplossing voor deze tweeledige problematiek ligt in het geven van meer ruimte aan de rivieren. Rivierarmen, kreken- en overlaatsystemen moeten weer bij het riviersysteem betrokken worden. In droge tijden moeten we het water en de hoofdstroom op een slimme manier vasthouden.

De strategie voor deze gebieden is daarom: geleiden. Door het aanhalen en vieren van de teugels van het woeste riviersysteem kunnen we het water in de juiste banen leiden. Wij stellen daarom voor om 'slimme' kribwoningen toe te passen, die afhankelijk van de rivierafvoer haaks op, dan wel parallel aan de stroomrichting staan. Door als een duikboot water in te nemen kan de woning op een onderwaterkrib worden afgezonken.

Het perspectief van deze gebieden is gelegen in het tot zijn recht laten komen van de natuurlijke dynamiek van het riviersysteem met bijbehorende ooibossen en nevengeulen, zonder dat dit ten koste gaat van de gebruiksmogelijkheden. De dynamiek van het riviersysteem laat alleen ruimte voor kleinschalige invullingen, maar levert wel een ongekend spannend woonmilieu op.

3. de droogmakerijen en bovenlanden
Stopzetten van het probleem van bodemdaling en zoute kwel is van het allergrootste belang. De oplossing is gelegen in het onder water laten lopen van de diepe droogmakerijen. Hierdoor ontstaat een aaneengesloten waternetwerk, vergelijkbaar met de Friese boezem. Hierdoor wordt tevens voorzien in de noodzaak om grote drinkwatervoorraden aan te leggen. Sommige kapitaalintensieve en cultuurhistorisch waardevolle gebieden zullen als aparte compartimenten uitgespaard blijven.

In de bovenlanden wordt veengroei gestimuleerd. Op lange termijn kan uit het laagveenmoeras een hoogveenkussen groeien: onder geschikte omstandigheden gaat dit al met een halve centimeter per jaar. Dit is interessant vanuit een natuurontwikkelingsperspectief, maar ook noodzakelijk om mee te groeien met de stijgende zee.

De strategie voor deze gebieden is: loslaten. De woonvormen sluiten hier op twee manieren bij aan:
1. drijvende woningen, die meebewegen met de peilfluctuaties van de droogmakerijen;
2. woningen die kunnen meegroeien met het veenkussen.

Het perspectief is een landschap met uitgelezen mogelijkheden voor natuurontwikkeling, (water)recreatie en wonen.

KIKKERS KUSSEN wil aantonen dat amfibisch wonen niet beperkt moet zijn tot één invulling, maar dat er een veelheid aan strategieën mogelijk is. Alleen dankzij de verantwoordelijkheid van de individuele bewoner kan het amfibisch wonen een succes worden. Daarom is KIKKERS KUSSEN vanuit zijn of haar denkbeeldige woning verbeeld. Daarbij geldt dat zowel de bewoner als het natuurlijk systeem van het amfibisch wonen moeten profiteren. Naast een concrete combinatie van natte landschappen en woonvormen, bevat KIKKERS KUSSEN een hoopvolle verwachting. Het amfibisch wonen biedt een uitgelezen kans om tot een veelheid aan fantastische woonmilieus te komen. En pas op: Kikkers kussen terug!