Met het oog op de zon

Code AMA052


Binnen de randvoorwaarden die gesteld worden vanuit zowel het fysieke (gerepresenteerd in overheidsnormen) en het psychische (gerepresenteerd in duurzaam bouwen) is getracht een zo compleet mogelijk ontwerp te maken. Door alle materialen en gebouwdelen te analyseren op hun functie in de woning als geheel is aan bijna ieder materiaal meerdere functies toegekend. Voorts blijkt uit een aantal vluchtige berekeningen, dat het geheel zonder concessies te doen aan de comfort standaard in combinatie met een ter plekke geplaatste windmolen, eenvoudig blijkt te kunnen voldoen aan een energiebalans wijk.

Met het oog op de zon
Uit het oogpunt van duurzaam bouwen wordt in dit project met name vanuit de drie pijlers waarop diens uitgangspunten gefundeerd zijn naar het ontwerpen van een 'waterwoning' gekeken : energiezuinig, materiaalzuinig en mensvriendelijk.
De woning is ontworpen, door uit te gaan van de vraag : 'wat is de ontwerpopdracht ?' Antwoord : 'een drijvende woning of wonen op het water', beiden verschillen wezenlijk van elkaar. De eerste impliceert een bestaande woning zoals die reeds bekend is te laten drijven, de tweede vraagt om een geheel nieuwe kijk op wonen namelijk : 'op het water' wat daarom ook een geheel andere bouwwijze vereist.

Beiden gecombineerd leverden de volgende voorwaarden op waaruit het ontwerp voortgevloeid is :
- Gezondheid : Vanwege hinderlijke deiningen die in de woning kunnen ontstaan vanwege golfslag, dient het zwaartepunt van de woning zo laag mogelijk te liggen en dient de massa van de woning hoog te zijn. Vanuit overheidswege zijn via het bouwbesluit allerlei randvoorwaarden tav. voldoende licht, verse lucht en geluid gedefinieerd waaraan voldaan moet worden om een gezonde woning te creeeren. Het uitzicht vanuit de woning en de eenheid met de natuur worden meer in de pakketten duurzaam bouwen omschreven.
- Energiezuinig : De schil van de woning dient voldoende geïsoleerd te worden om de warmteverliezen te beperken. Het gebruik van de zon op een actieve dan wel passieve manier dient met de woning geïntegreerd te worden. Zorg voor een duurzame opwekking van energie en zorg voor een balans in verbruik en opbrengst. Pas innovatieve of bestaande manieren toe om het energieverbruik in de woning laag te houden, verlies hierbij echter het comfort niet uit het oog.

- Materiaalzuinig : Creeer een woning die aan de gewenste ruimte voldoet. Let daarbij op de mogelijkheden die er zijn om de woning te demonteren en te recyclen. Bouw daarom compact zodat niet onnodig oppervlak wordt gebruikt. Probeer waar mogelijk combinaties van functies te maken zodat onnodig materiaalgebruik vermeden wordt. Houdt daarbij praktische uitvoerbaarheid in het oog en zoek referentie naar bestaande bouwmethoden.
Het ontwerp dat hieruit ontstaan is, lijkt op een drijvende iglo. Deze gelijkenis is niet vreemd omdat een iglo ook een drijvende woning is. De woning bestaat uit twee delen : een stabilisatie- /opslagvat en de iglo daarbovenop. De woning is opgebouwd uit een binnenmembraam en een harde buitenschil. De buitenste laag is opgebouwd uit een licht gewapend dunne laag schuimbeton (ca. 50 mm), waarbij de tussenlaag, net als een iglo, is opgebouwd uit blokken PS-schuim. Via pen en gat verbinding worden de blokken tot een geheel verlijmd. De blokken PS zijn ook geperforeerd zodat de nagalmtijd in de woning beperkt wordt door de absorptie hiervan. Het binnen membraam is van textiel en wordt via overdruk (ventilatie van de woning) tegen de binnenzijde van de thermische schil van de woning gedrukt. De massa die met het beton als buitenschil wordt gerealiseerd geeft de woning voldoende geluidwering en zorgt ook dat de geluidsoverlast van regen of hagel beperkt blijft. Omdat het textiel enigszins luchtdoorlatend is wordt de isolatie, zij het in zeer beperkte mate, geventileerd. Door een 'spouw' tussen de harde buitenschil en de isolatie te reserveren kan deze lucht naar buiten toe ontsnappen en wordt condens tussen isolatie en het beton voorkomen. De luchtverversing wordt gerealiseerd door overdruk in de woning te ceeeren door deze tpv. het dak aan te zuigen via de holte in een dubbelwandige centrale buis naar de vloer van de waterwoning te geleiden. Deze centrale buis doet dienst als sanitaire unit en is een douche en toilet in een.

In de vloer van de woning, wat tevens het dak van het opslagvat is, zit een luchtkanalen stelsel dat leidt langs de warme bovenzijde van het opslagvat leidt. De lucht wordt daarna rechtstreeks de woning ingeblazen aan de onderzijde van het raam (de ellips = het oog). Indien de woning niet verwarmd hoeft te worden, wordt de buitenlucht niet door dit stelsel geleid, maar aan de onderzijde van de centrale sanitaire unit ingeblazen via een klepschakeling. Indien het opslagvat geen warmte aan de lucht afgeeft en er toch verwarmd dient te worden, schakelt de warmtepomp in die aan de oppervlakte van het opslagvat/ stabilisator uit het omringende water zijn warmte ontrekt en via het een klein warmwater opslagvat in de sanitaire unit zijn gewonnen warmte afgeeft aan de inblaaslucht. Deze lucht wordt aan de voet van de sanitaire unit ingeblazen. Door de woning op overdruk te zetten wordt de temperatuur in de woning iets verhoogd, waardoor de ventilator eenzelfde (zij het in sterk verminderde mate) functie krijgt als de warmtepomp. Door de warmtepomp via een opslagvat te schakelen aan een kleiner opslagvat kan tevens in de warmtap behoefte van de woning voorzien worden.