Overstromend wonen

Code PAB065


Waterbergingen rond grote rivieren kunnen een dynamisch leefgebied vormen door het onderlopen en droogvallen van het landschap. Het landschap dat binnen de waterbergingen voortdurend transformeert geeft het leefgebied fraaie amfibische kwaliteiten. Een slinger waarop gewoond, gewerkt en gerecreëerd kan worden drijft af door overstromen en droogvallen van de waterberging.

Het Nederlandse landschap kent als belangrijkste kenmerk zijn relatie met het water. Inpolderingen en overstromingen hebben hun bijdrage geleverd in voortdurend transformerende landschap. Eeuwen lang is het voornamelijk een strijd geweest tegen deze meedogenloze natuurkracht waardoor vele dijken, waterkeringen en waterwerende middelen in het landschap zijn opgedoemd. Nu, in het begin van het derde millennium, zijn we bijna volledig geweerd tegen het alomtegenwoordige water.

In de hedendaagse discussie rond waterbeheersing heeft men recentelijk inpassen van waterbergingen geïntroduceerd waarin overtollig water tijdelijk kan worden opgenomen. Deze bergingen kunnen niet alleen in functionele zin een bijdrage aan de inrichting van Nederland maar tevens een dynamisch leefgebied vormen. Fluctuaties in waterstanden als gevolg van al dan niet in gebruik zijn van de waterbergingen creëren een voortdurend veranderend landschap. Het landschap dat binnen een bepaalde bandbreedte zich voortdurend transformerend manifesteert geeft het leefgebied fraaie amfibische kwaliteiten.

Het voortdurend wisselend landschap en de wisselingen tussen liggend en drijvend wonen zouden kunnen worden gevisualiseerd en specifiek worden gemaakt voor het amfibisch wonen binnen de waterbergingen. Daarnaast is het van belang facilitaire voorzieningen en infrastructuur zodanig te integreren dat de lichtheid ervan behouden terwijl de functionaliteit optimaal blijft. Door deze elementen als een enkele ader op te vatten, als een segment uit een netwerk van kabels, leidingen en infrastructuur, ontstaat een slinger waarop het programma kan worden geprojecteerd. Het flexibel uitvoeren van de slinger maakt dat bij overstromen en droogvallen van de waterberging de plaats van de woningen altijd anders is dan tevoren door wegdrijven, meestromen en afduwen van de slinger.
Door het toekennen van een maximale hoekverdraaiing van een segment kunnen oriëntatie en privacy worden bepaald. Gefixeerde punten die aantakken op een wegen- en leidingennetwerk zorgen dat de slinger altijd een oriëntatie op het zuidoosten, zuiden of zuidwesten krijgt zodat zonne-energie optimaal benut kan worden. Daarnaast wordt voorkomen dat woningen op onaangename wijze tegenover elkaar komen te liggen.

Verschillende programmatische schillen vormen als constant variërende ketting de basis waaruit het uiteindelijk gebouwde volume uit wordt bepaald. Dit kan door gebruikers zelf gebeuren waardoor een random programmering over de gehele slinger ontstaat. Wonen, werken en recreëren worden aan de hand van een drie dimensionaal vlekkenplan met elkaar in relatie gebracht en over elke doorsnede van de slinger op een andere manier ingedeeld.

Segmenten kunnen qua functies hun eigen zwaartepunten krijgen. Uiteraard zullen woningen in veel gevallen zijn ingericht met zowel woon- als werkfunctie geïntegreerd in de woning. En rustigere delen kunnen als groene gebieden functioneren als recreatie mogelijkheid. Maar daarnaast zullen verschillende segmenten meer homogeen worden ingedeeld. Zo kan naar believen wonen, werken en recreëren strikt worden gescheiden of juist volledig geïntegreerd. Afstanden zijn altijd constant door de vaste lengte van de slinger. En verkeer wordt gedwongen lage snelheden aan te houden door het relatief kleine oppervlak aan bestrating dat zij krijgen in verhouding tot overige vervoersmiddelen op de slinger.

Woningen worden gebouwd met oriëntatie op de zon, dit wil zeggen glas op zuidgevel. Een hellend 'maaiveld' kan de scheiding vormen met het meer openbare gedeelte van de slinger waar onder andere infrastructuur deel van uit maakt. Door dit 'dak' als goed isolerend begroeid dak uit te voeren worden op fraaie wijze publiek en privé gescheiden op een milieuvriendelijke wijze wat betreft materiaalgebruik en klimaatbeheersing van de woningen.