|
NAT IS MEER
Code PAB030
De beperking van buitenruimte,
die ontstaat door het onderlopen van het land, maakt een uitbreiding van
de binnenruimte van de woning mogelijk. Door het onderlopen van het land
maakt de wegontsluiting plaats voor de waterontsluiting. De woning heeft
twee drijvende delen: één plaatsvast, de ander bewegend.
Het land loopt onder
water
De woonbuurt verandert
De tuin verdwijnt
De woning wordt groter

STRATEGIE
In tegenstelling tot traditionele strategieën waarmee omgegaan wordt
met wonen en water, zoals de woonboot, het aanleggen van dammen of dijken,
of het bouwen op palen of terpen,
wordt een nieuwe strategie ontwikkeld, die het onderlopen op een positieve
manier omarmt.
De veranderende omgeving
beïnvloedt de woonsituatie. Door het onderlopen van het land ontstaat
een beperking van de beschikbare eigen buitenruimte. Deze beperking wordt
omgezet in een uitbreiding van de binnenruimte van de woning. Deze uitbreiding
is pas mogelijk wanneer het land is ondergelopen.
Dit is de kern van 'amfibisch
wonen': zowel in de natte als de droge situatie een optimale woonsituatie
hebben.
Een droge woonomgeving
, over het algemeen de zomersituatie, geeft de mogelijkheid om de eigen
buitenruimte te benutten. Doordat de woning minimaal van afmeting is,
is de buitenruimte maximaal. In het natte seizoen, wintersituatie, is
er geen privee buitenruimte, maar een algemeen toegankelijk watergebied.
Ter compensatie wordt de binnenruimte van de woning vergroot.

STEDEBOUW
Door het onderlopen van het land veranderen patronen. Er ontstaan eilanden.
Het gebied kent twee parallelle ontsluitingssystemen: een weg, toegankelijk
voor lichte voertuigen, en een waterontsluiting voor boten en amfibievoertuigen.
Gedurende het onderlopen maakt de eerste struktuur geleidelijk plaats
voor de tweede.
Gedeeltes van de wijk
die onderlopen, worden eilanden. De voormalige ontsluitingsweg wordt gemeenschappelijk
achterterrein, de woningen worden nu via het water ontsloten. Bij de dijk
is een transferpunt met een haven.
De verkaveling is opgebouwd uit lange smalle kavels van 9 x 31 m (280
m²) , steeds in segmenten van 7 à 8 stuks. De woning beslaat
ongeveer de helft van de breedte van de kavel.

WONING
De woning heeft een vast gedeelte, dat kan drijven, plaatsgebonden blijft
door geleiders, en weer terugzakt op zijn fundering. Het is scharnierend
verbonden met de weg. Het keukenblok is vertikaal beweegbaar, om het veranderde
vloerpeil te compenseren. Één van de geleiders herbergt
de infrastruktuur. Het drijflichaam onder dit deel kan in de natte situatie
gevuld worden dient als waterberging voor niet-schoon water in de droge
situatie.
Het bewegende deel van
de woning is licht van konstruktie en rust op een drijver. Er is naast
de woning plaats voor maar één type auto: het amfibievoertuig.
|