Blaaswerk

Code PAC030


Het plan gaat uit van 25 miljoen inwoners in Nederland anno 2050, en door global warming sterk stijgende waterstanden. Combineren van wonen en waterbergen is een noodzaak. Drijven biedt vanwege de waterverplaatsing geen soelaas. In het voorstel worden rivieruiterwaarden bebouwd dmv met water gevulde woonterpen die in hoogte meebewegen met de waterstand. Wonen op water.

Klimaatverandering
Wereldwijde klimaatveranderingen veroorzaken hogere waterstanden. Nederland zal door een steeds toenemende behoefte hebben aan omvangrijke opvangbekkens. Aan de andere kant zal ook de behoefte aan woonruimte toenemen. Door een toevloed van miljoenen migranten zal het aantrekkelijke Nederland over 50 jaar 20 tot 30 miljoen inwoners hebben. Net als de Poorters dat in de middeleeuwen deden proberen we dit krampachtig te doseren maar dat zal bij voortschrijdende mondialisering uiteindelijk niet haalbaar blijken.

Drijven is geen oplossing
Kenmerkend van opvangbekkens (o.a. uiterwaarden) naast rivieren is dat ze een groot deel van het jaar 'droog' staan. Ten onrechte wordt verondersteld dat drijvende woningen de panacee zijn voor bouwen in waterrijke gebieden. Drijvende constructies zijn duur, alleen geschikt voor gebieden waarin een minimale waterstand heerst en tot slot: de wet van Archimedes staat grootschalige toepassing in de weg.

Archimedes
Wanneer je amfibisch bouwen op een serieuze manier wil overwegen, in significante dichtheden en aantallen, dan leert een hoofdrekensom dat een woning ruwweg 2½ x het gewicht van de woning zelf aan waterverplaatsing veroorzaakt. Een dichtheid van 25 won/ha resulteert zo in een ongewenst verlies aan buffercapaciteit van 1 tot 1½ meter stijghoogte.
Opgetild wonen op palen kent die nadelen niet, maar is om reden van hygiëne alleen geschikt wanneer er sprake is van dagelijks terugkerende 'wasbeurten', zoals bij wisselingen van het tij aan de kust het geval is.

Wonen in water op water door water.
Dit plan beoogt (een deel van) rivieruiterwaarden een dubbelfunctie te geven van wonen en bufferen. Daarom is gekozen voor een onconventionele wijze van funderen, waarbij het te bergen hoogwater gebruikt wordt voor de vorming van terpen.
Hiertoe worden woonelementen op betonnen dozen met een afmeting van 3.6 x 10.8 meter (zodat als alternatief vervoer over de weg nog mogelijk blijft) bij hoogwater op de juiste plaats in de uiterwaarden afgedreven. Vervolgens wordt met windenergie dmv waterdruk holle stalen lansen enkele meters de slappe grond ingepulst. Daarna wordt een 'blaas' door de lans de grond ingebracht. Deze blaas bestaat uit supersterk kunststof weefseldoek dat enigszins waterdoorlatend is. De blaas wordt vervolgens dmv windenergie met water opgepompt, waarbij het door het doek heen wegzwetende water een glijlaag tussen het doek en de verdringende grond vormt. Uiteindelijk zal de blaas alleen nog de bovenliggende grondlaag omhoog drukken, zodat de woonelementen op een met water gevulde grondterp komen te staan.
Het hierboven omschreven proces is omkeerbaar. Wanneer het water zakt wordt het water door het gewicht van de bovenliggende grondlaag gedoseerd uit de blaas geperst. Aangezien de uiterwaarden twee tot drie per jaar vollopen zal er slijtage aan de blaas plaatsvinden, temeer daar die van biologisch afbreekbaar materiaal is gemaakt. Van tijd tot tijd moet door de lans een nieuw blaas in de oude worden gelaten.

Toepassing en bereikbaarheid
Door woonelementen aan elkaar te koppelen kunnen lange slierten in het uiterwaardenlandschap ingepast worden. Bij de plaatsing daarvan is van belang dat ze evenwijdig aan de stroomrichting lopen zodat de afvloeiing geen onnodige weerstand ondervindt. Elke terpstrook eindigt nabij een zomerdijk zodat de woningen alleen bij extreem hoge waterstanden (slechts een week per jaar) geheel door water omringd zijn.

Vervoer
Het bezit en gebruik van auto's wordt ontmoedigd. Parkeren is geconcentreerd mogelijk op landschappelijk ingepaste parkeerpolders, waarna men op terreinfietsen naar de woning gaat. Openbaar vervoer wordt door een rivierboot onderhouden, bij hoogwater kan een amfibische taxi als eindvervoer ingezet worden.

Energie en afval
Elektriciteit wordt met zon en wind opgewekt. In beperkte mate kan een kortstondige energievraag worden opgevangen door de met water onder druk staande blaas langs een turbine deels te laten leeglopen. Zelfs bij laagwater zal de blaas gevuld zijn met regenwater als onderdeel van het grijswatercircuit. Drinkwater wordt met kunststof leidingen aangevoerd. Biologisch afbreekbaar afval wordt en dmv windenergie vermalen en samen met rioolwater naar langs de rivieroever afgemeerde sceptic tanks geperst waarna het bezinksel met tank en al wordt afgesleept naar afvalverwerkingsinstallaties. Zodoende wordt gestreefd naar een bijna-nuluitstoot van afvalstoffen.

Cijfers
Het denkbeeldige plangebied is een uitsnede in het rivierenlandschap van 1 bij 1½ km (150 ha). Buiten winterdijks: 50 ha 'bestaand' agrarisch landschap, 20 ha 'bestaande' dorpsbebouwing en 5 ha parkeer / en wijkvoorzieningen. Binnen winterdijks: 4 ha vaarwater, 50 ha uiterwaard, 15 ha aan dijklichamen en wegverhardingen. De 550 getekende woningen resulteren in een dichtheid van 11 won/ha uiterwaarde. Het toegevoegd bebouwd oppervlak bedraagt 8 ha (150 m2 BKO/won).